NOTARIS
1.1 Benoeming - organisatie
Notaris wordt men niet zo maar.
Na het secundair onderwijs volgen 5 jaar rechten en 1 jaar specialisatie in het notariaat aan een universiteit.
Na een stage van 3 jaar kan men een examen afleggen om kandidaat-notaris te worden.
Om tot notaris te kunnen worden benoemd moet een kandidaat-notaris ten slotte slagen in een vergelijkend examen.
De Koning benoemt de notaris die daarna op de rechtbank van eerste aanleg zijn eed aflegt en belooft zijn ambt nauwgezet en eerlijk te zullen vervullen.
Naast het eigenlijke opstellen en verlijden van akten (dit is rechtskracht verlenen aan overeenkomsten tussen partijen), verleent de notaris diensten en voorkomt conflicten.
Ons land telt 1.250 notarissen die per provincie zijn gegroepeerd.
1.2 Wat kost het?
Voor het opstellen van een notariële akte waarbij de notaris optreedt als openbaar ambtenaar, zijn de honoraria opgenomen in een Koninklijk Besluit.
Hierin worden 13 verschillende tarieven vermeld, toepasselijk op verschillende notariële akten.
Deze wettelijk vastgestelde tarieven moet iedere notaris eerbiedigen.
Hij mag geen hoger honorarium aanrekenen en ook geen kortingen toestaan.
De kosten dienen betaald te worden ten laatste bij de ondertekening van de akte.
Naast het ereloon zijn in de tarieven ook de registratie- en administratiekosten begrepen.
Van het honorarium dient de notaris de algemene kosten van zijn kantoor te betalen alsook het loon van zijn medewerkers.
In vele gevallen zult u zonder vergoeding raad kunnen bekomen voor talrijke nevenaspecten.
1.3 Vrije keuze van notaris
Bij de meeste akten heeft elke erbij betrokken partij de mogelijkheid een eigen notaris te kiezen zonder dat dit een verhoging van de onkosten voor gevolg heeft (elk der notarissen krijgt dan een deel van het ereloon).
De notariële voorschriften bepalen welke notaris de akte moet opmaken.
De andere houdt toezicht.
|